

Lieve allemaal,
Aangezien we tijdens onze laatste week geen internetcafé zijn tegengekomen en we er ook niet naar gezocht hebben, is het er niet van gekomen om het dagboek op het weblog te zetten. Er bestaat echter ook nog gewoon papier en een potloodje, dus heb ik tijdens het lange wachten op het vliegveld in Accra mijn kattebelletjes uitgewerkt en vandaag even de computer eroverheen gegooid. Dus hier zijn de laatste belevenissen van Ben en mij.
Aangezien we tijdens onze laatste week geen internetcafé zijn tegengekomen en we er ook niet naar gezocht hebben, is het er niet van gekomen om het dagboek op het weblog te zetten. Er bestaat echter ook nog gewoon papier en een potloodje, dus heb ik tijdens het lange wachten op het vliegveld in Accra mijn kattebelletjes uitgewerkt en vandaag even de computer eroverheen gegooid. Dus hier zijn de laatste belevenissen van Ben en mij.
Woensdag 21 november.
Eric begint een klein beetje op te knappen. Zijn bloeddruk was gisteren schrikbarend laag. Hij heeft ook al dagen niet gegeten en zegt dat hij wel voldoende drinkt. Ik zet steeds van alles voor zijn neus en spreek op gebiedende wijs zoals een mamma betaamt. “Geen trek, dan dwing je jezelf maar.” Abena is vandaag vanwege een begrafenis in haar familie niet gekomen. Alles wijkt in de hier heersende cultuur voor begrafenissen. Bij wijze van spreke legt een chirurg tijdens een operatie zijn werk neer als hij hoort dat er in zijn familie iemand is overleden. Het gaat heel ver en aangezien het lijkt of iedereen familie van elkaar is kun je je er iets bij voorstellen hoe vaak de mensen “vrij nemen”(lees: gewoon niet komen werken). Ondenkbaar bij ons.

Onze dappere Marie-Chris is met de goede jeep “Junior” naar het dorpje Zanko over de rough road dus Ben en ik pakken jeep “Charly” om naar de markt te gaan om boodschappen te doen. Alles schudt er rammelt en er zit een kwart slag speling in het stuur, maar de claxon werkt uitstekend, want zonder kun je niet rijden. Voor alles en iedereen die langs de weg loopt wordt waarschuwend getoeterd dat je eraan komt. En er loopt wat. Ben voelt zich net Toby Rix (voor de ouderen onder ons).
Omdat Abena er niet is, kook ik vanavond en maak macaroni met “dikke piemels”. De meeste vrijwilligers nemen boodschappen mee uit Holland, waaronder ook vacuum verpakte worsten. De meiden van Eric lusten ze graag en hij heeft ze wijsgemaakt dat het in Holland dikke piemels heet. Hun uitspraak is zo grappig en daarbij zijn ze reuze trots Hollandse woorden te kennen. Zo ook “tot straks, eet smakelijk en welterusten” en precies op het juiste moment.
Wij hadden zelf nooit macaroni met dikke piemels gegeten, maar ik had er zoveel van alles en vraag me niet wat, ingegooid, dat het uitstekend smaakte en zelfs Eric er een beetje van at.
In de namiddag zijn we weer naar de markt gereden om nieuwe schoenen te kopen voor Kretoum, Lydia en Nazira. De schoolcultuur schrijft voor dat er op school geen slippers gedragen mogen worden. De meiden leggen uit dat het persé dichte schoenen moeten zijn of open schoenen met een hielband en ze verzekeren ons dat ‘’if you don’t, the madam will cain you”. Ze krijgen er regelmatig van langs met een soort dikke rieten stok……Ja, ja mensen!
Djamilla zou ook nog afscheid van ons komen nemen en ja hoor daar komt ze aangefietst op haar nieuwe fiets en haar 8-jarige zusje zit verlegen achterop. We zitten op de veranda te babbelen en ineens springt het zusje het trapje af, trekt haar broek naar beneden en gaat frontaal zitten plassen. De mensen hebben geen wc’s in hun huisjes. Buiten is het één groot openbaar toilet. Zo gaat dat hier en weer zeg ik ……. Ja, ja mensen!
Donderdag 22 november.
Ben gaat al voor dag en dauw buskaartjes kopen voor morgen. Eric gaat mee om zich ervan te verzekeren dat we goede plaatsen hebben. ‘tGaat langzaam beter met hem. Morgen hopelijk nog beter, zodat we met een gerust hart kunnen vertrekken.
We pakken de tassen in, rommelen wat in en om het huis en gaan boodschappen doen, want vanavond vieren we een feestje ter ere van de verbeteringen aan het Hospice én ons afscheidsfeestje. We zijn er zo vaak geweest, dat je toch een band krijgt met de bewoners.
Samen met de meiden, Marie-Chris, Jerry, Eric, de verzorgster, de nachtwaker en meloen, koekjes en malt (soort alc.vrij bier) hebben we een reuzefeest. Voor zover de bewoners het nog kunnen, dansen en zingen ze voor ons.
De blijdschap spat ervan af. Zeer ontroerend. 
Jerry bedankt ons voor onze s
ponsering en
heeft zelfs een cadeautje voor ons. Hulde, hulde en nog eens hulde. Dit is teveel van het goede. Ben speecht met verstikte stem en maakt nogmaals duidelijk dat onze vrienden, buren en familie met elkaar het geld hebben opgebracht om de verbeteringen te kunnen realiseren. Dus mensen namens de bewoners en verzorgers van het Hospice ontzettend, heel erg etc. bedankt. Dank zij jullie kunnen de mensen “gewoon”een douche nemen, “gewoon” de wc doortrekken en “gewoon” op de vlak gestreken betonnen achterplaats wassen en daar ook “gewoon” hun potje koken op een vuurtje.
Het was een prachtig feestje en het voelde heel gelukkig.
Laat ik meteen even vertellen dat de verbeteringen aan het Hospice ongeveer 1100 euro heeft gekost en aangezien we 1700 euro ingezameld hadden, was er nog 600 euro over. Dit geld hebben we aan de St. Child Support overgedragen om eten en medicijnen te kopen voor de diverse projecten. Onze 1700 euro is op deze manier zeer goed besteed vinden wij. En we weten bijna wel zeker dat jullie het met ons eens zullen zijn.
Ben gaat al voor dag en dauw buskaartjes kopen voor morgen. Eric gaat mee om zich ervan te verzekeren dat we goede plaatsen hebben. ‘tGaat langzaam beter met hem. Morgen hopelijk nog beter, zodat we met een gerust hart kunnen vertrekken.
We pakken de tassen in, rommelen wat in en om het huis en gaan boodschappen doen, want vanavond vieren we een feestje ter ere van de verbeteringen aan het Hospice én ons afscheidsfeestje. We zijn er zo vaak geweest, dat je toch een band krijgt met de bewoners.
Samen met de meiden, Marie-Chris, Jerry, Eric, de verzorgster, de nachtwaker en meloen, koekjes en malt (soort alc.vrij bier) hebben we een reuzefeest. Voor zover de bewoners het nog kunnen, dansen en zingen ze voor ons.
De blijdschap spat ervan af. Zeer ontroerend. 
Jerry bedankt ons voor onze s
ponsering en
heeft zelfs een cadeautje voor ons. Hulde, hulde en nog eens hulde. Dit is teveel van het goede. Ben speecht met verstikte stem en maakt nogmaals duidelijk dat onze vrienden, buren en familie met elkaar het geld hebben opgebracht om de verbeteringen te kunnen realiseren. Dus mensen namens de bewoners en verzorgers van het Hospice ontzettend, heel erg etc. bedankt. Dank zij jullie kunnen de mensen “gewoon”een douche nemen, “gewoon” de wc doortrekken en “gewoon” op de vlak gestreken betonnen achterplaats wassen en daar ook “gewoon” hun potje koken op een vuurtje.Het was een prachtig feestje en het voelde heel gelukkig.
Laat ik meteen even vertellen dat de verbeteringen aan het Hospice ongeveer 1100 euro heeft gekost en aangezien we 1700 euro ingezameld hadden, was er nog 600 euro over. Dit geld hebben we aan de St. Child Support overgedragen om eten en medicijnen te kopen voor de diverse projecten. Onze 1700 euro is op deze manier zeer goed besteed vinden wij. En we weten bijna wel zeker dat jullie het met ons eens zullen zijn.
Nu ik toch bezig ben met geld. Eten en medicijnen is een kostenpost die altijd maar doorgaat, dat begrijpt iedereen. Onder jullie zijn vast mensen die graag maandelijks een vast bedrag naar de stichting Child Support willen/kunnen overmaken. Iedere euro is welkom. Grote en kleine bedragen, hele grote en hele kleine, roept u maar!
Als je interresse hebt, wil ik je graag over het eea informeren.
Mijn emailadres is: lidavanloo@quicknet.nl .
We hopen op vruchtbare reacties, maar let wel, niets hoeft en alles mag.
Vrijdag 23 november.
Om 6 uur staan we met z’n 8-ten te wachten bij de bus die om 7 uur vertrekt. Je moet persé een uur van te voren aanwezig zijn en vraag niet waarom, want het is nou eenmaal zo. Een Ghanees vraagt zich in de regel toch niets af, want dingen zijn zoals ze zijn. Makkelijk he. Als je deze regel tegen het afspreekgedrag van de Ghanees afzet, ligt het wat mij betreft wat moeilijk. Ze komen
zelf meestal veel te laat op afspraken of komen helemaal niet. 
Maar goed, de bus ziet er niet verkeerd uit, maar er ligt wel iemand onder te sleutelen. Hoopvol??? We hebben een mooi gedicht over afscheid nemen gekregen van Eric en hoe je het ook wendt of keert, moeilijk blijft het. Eric staat met een wit koppie wat te lachen en we zwaaien met z’n allen en zwaaien en zwaaien en weg. Weg gezin waar we 3 weken deel van uitmaakte. Slik, slik.
Op naar een weekje samen in een land waarvan we 3 weken terug nog dachten: “Dit redden we nooit”. Enfin, na een aantal uurtjes racen en hobbelen komen we in het dorp Bolé aan en iedereen moet uitstappen. Er was aardig wat buspersoneel meegereden en 2 technische mannen doken met mat en al onder de bus en kwamen er vervolgens anderhalf uur later weer onderuit.
Het asfalt kookte in Bolé en ik kookte over. Help ik knap! Marie-Chris had al gewaarschuwd, dat je de openbare toiletten niet wilt zien en op voorhand had ik een vrouwenplastuitje in mijn tas gestopt. Dus op zoek naar een geschikte plek. Ik beland op een drollenlandje en bij het landje zit een oude man achter een soort toonbank met een stapeltje krantenpapiertjes. Hij wil me een velletje verkopen en heeft een smile, zonder tanden, van oor tot oor. Dat is wat Ben noemt “Portugese handelsgeest” dus koop ik één papiertje.
Het plastuitje werkt goed, alleen het richten lukt mij niet zoals mannen dat kunnen, maar goed het stof was van mijn schoenen.
Op het kokendhete asfalt wordt van alles verkocht. We gaan voor pinda’s en zegenen de bus voor het 2de gedeelte van de rit. De zegening helpt. In Kumasi kopen we meteen bustickets voor de volgende dag naar Cape Coast. Vervolgens nemen we een taxi om ons naar hotel Noks (uit de Bradt guide) te brengen. De wereldreizigers hebben het helemaal voor elkaar, maar ineens midden op een giga drukke 3-baansweg zegt de taxi, doe het zelf maar en de motor blijft stil. De kleine magere taxi-driver kan de taxi niet alleen de kant induwen, dus Ben etc. etc. Kortom er springen nog wat mensen bij. Bleek de benzine op te zijn. De driver kwam zo terug. En daar stonden we dan, een giller was het. Gelukkig duurde het niet lang en was hij snel terug met een jerrycan benzine.
Het Nokshotel maakt de dag goed. We eten in de mooie tuin van het hotel en airco-ën de nacht tegemoet.
Om 6 uur staan we met z’n 8-ten te wachten bij de bus die om 7 uur vertrekt. Je moet persé een uur van te voren aanwezig zijn en vraag niet waarom, want het is nou eenmaal zo. Een Ghanees vraagt zich in de regel toch niets af, want dingen zijn zoals ze zijn. Makkelijk he. Als je deze regel tegen het afspreekgedrag van de Ghanees afzet, ligt het wat mij betreft wat moeilijk. Ze komen
zelf meestal veel te laat op afspraken of komen helemaal niet. 
Maar goed, de bus ziet er niet verkeerd uit, maar er ligt wel iemand onder te sleutelen. Hoopvol??? We hebben een mooi gedicht over afscheid nemen gekregen van Eric en hoe je het ook wendt of keert, moeilijk blijft het. Eric staat met een wit koppie wat te lachen en we zwaaien met z’n allen en zwaaien en zwaaien en weg. Weg gezin waar we 3 weken deel van uitmaakte. Slik, slik.
Op naar een weekje samen in een land waarvan we 3 weken terug nog dachten: “Dit redden we nooit”. Enfin, na een aantal uurtjes racen en hobbelen komen we in het dorp Bolé aan en iedereen moet uitstappen. Er was aardig wat buspersoneel meegereden en 2 technische mannen doken met mat en al onder de bus en kwamen er vervolgens anderhalf uur later weer onderuit.
Het asfalt kookte in Bolé en ik kookte over. Help ik knap! Marie-Chris had al gewaarschuwd, dat je de openbare toiletten niet wilt zien en op voorhand had ik een vrouwenplastuitje in mijn tas gestopt. Dus op zoek naar een geschikte plek. Ik beland op een drollenlandje en bij het landje zit een oude man achter een soort toonbank met een stapeltje krantenpapiertjes. Hij wil me een velletje verkopen en heeft een smile, zonder tanden, van oor tot oor. Dat is wat Ben noemt “Portugese handelsgeest” dus koop ik één papiertje.Het plastuitje werkt goed, alleen het richten lukt mij niet zoals mannen dat kunnen, maar goed het stof was van mijn schoenen.
Op het kokendhete asfalt wordt van alles verkocht. We gaan voor pinda’s en zegenen de bus voor het 2de gedeelte van de rit. De zegening helpt. In Kumasi kopen we meteen bustickets voor de volgende dag naar Cape Coast. Vervolgens nemen we een taxi om ons naar hotel Noks (uit de Bradt guide) te brengen. De wereldreizigers hebben het helemaal voor elkaar, maar ineens midden op een giga drukke 3-baansweg zegt de taxi, doe het zelf maar en de motor blijft stil. De kleine magere taxi-driver kan de taxi niet alleen de kant induwen, dus Ben etc. etc. Kortom er springen nog wat mensen bij. Bleek de benzine op te zijn. De driver kwam zo terug. En daar stonden we dan, een giller was het. Gelukkig duurde het niet lang en was hij snel terug met een jerrycan benzine.
Het Nokshotel maakt de dag goed. We eten in de mooie tuin van het hotel en airco-ën de nacht tegemoet.
Zaterdag 24 november.
Voordat we met de bus van 12 uur naar Cape Coast vertrekken gaat Ben met de hulpvaardige barkeeper Kofi, naar een bank waar je Visa-money, Ghana Cedi’s kunt scoren. Kofi is pikzwart maar heeft een West-Europese tred en Ben heeft achter hem aan moeten rennen, dwars door de stad en over de mierenhoopmarkt. Hijgend komt hij terug, maar het is gelukt. We hadden gerekend het hotel te kunnen betalen met Visa, maar in Ghana kun je nergens op rekenen, het apparaat was out of order. Of hebben ze liever cash??
Voordat we met de bus van 12 uur naar Cape Coast vertrekken gaat Ben met de hulpvaardige barkeeper Kofi, naar een bank waar je Visa-money, Ghana Cedi’s kunt scoren. Kofi is pikzwart maar heeft een West-Europese tred en Ben heeft achter hem aan moeten rennen, dwars door de stad en over de mierenhoopmarkt. Hijgend komt hij terug, maar het is gelukt. We hadden gerekend het hotel te kunnen betalen met Visa, maar in Ghana kun je nergens op rekenen, het apparaat was out of order. Of hebben ze liever cash??
De bus vertrekt op tijd. Het is een uitgewoonde klerebus, merk DAF, met aan elkaar geplakte ramen. De motor mist de hoogste versnelling en lijkt eerder op een straaljager dan op een autobus en daarbij kan mijn echtgenoot het niet laten me meededelingen te doen omtrent de toestand van het bandenprofiel. Hoezo profiel. Ik wil het niet weten.Wat we wel hebben is een prima driver. Het is een Eddy Murphy look-alike en hij scheurt in 1x naar Cape Coast. We hebben een prachtige reis door een fantastisch uitgestrekt regenwoud. We hebben nog nooit zoveel zwarte bamboes bij elkaar gezien. Af en toe rijden we slow slow door een dorpje waar je je weer kunt vermaken met :”Jesus saves” Clothings en “By his Grace” Gold-store, of “In God we trust” Stone factory.
Om 1600 uur komen we in Cape Coast aan. We treffen een aardige driver met een prima auto, een Volkswagen, hoe kan het ook anders. We belanden in het Mighty Victory hotel en spreken met de driver af dat hij ons de volgende morgen om 8 uur op komt halen. We doen decadent en huren hem een dagje in. Voor 40 Cedis (ongeveer 33 euro) is hij ons mannetje.
Zondag 25 november.
Beweer maar eens dat je met Afrikanen niets kan afspreken. Om 10 voor 8 is Justis de driver present. Ons goede gevoel bij hem was dus juist.
Op naar het rainforest ‘Kakum Park’. Het regenwoud is 600 vierkante km groot, is een beschermd gebied en voorziet de hele omgeving van water. Volgens de ranger die ons begeleidt leven er heel veel dieren, zelfs olifanten en leeuwen en wel meer dan 300 soorten vogels en dat hoor je HEEL ERRUG. We hebben nog nooit zoveel vogels tegelijk horen twinkeleren. Onze stemmen kunnen er niet meer bij, dus zijn we gewoon stil.
We zijn ook gekomen om de Canopy Walk te gaan doen. Dat betekent dat we 7 touw-hangbruggen gaan oversteken. De Walk is 350 meter lang en hangt 40 meter hoog. Per hangbrug kun je er met 2 personen tegelijk overheen lopen. Niet meer, anders gaat hij te veel zwaaien.
Beweer maar eens dat je met Afrikanen niets kan afspreken. Om 10 voor 8 is Justis de driver present. Ons goede gevoel bij hem was dus juist.
Op naar het rainforest ‘Kakum Park’. Het regenwoud is 600 vierkante km groot, is een beschermd gebied en voorziet de hele omgeving van water. Volgens de ranger die ons begeleidt leven er heel veel dieren, zelfs olifanten en leeuwen en wel meer dan 300 soorten vogels en dat hoor je HEEL ERRUG. We hebben nog nooit zoveel vogels tegelijk horen twinkeleren. Onze stemmen kunnen er niet meer bij, dus zijn we gewoon stil.
We zijn ook gekomen om de Canopy Walk te gaan doen. Dat betekent dat we 7 touw-hangbruggen gaan oversteken. De Walk is 350 meter lang en hangt 40 meter hoog. Per hangbrug kun je er met 2 personen tegelijk overheen lopen. Niet meer, anders gaat hij te veel zwaaien.
Spannend? Ik denk het wel ja, want zo erg inspannend was het niet, maar het zweet gutste uit al onze porieën en aan het eind stond ik in ieder geval helemaal te shaken.Onze Justis heeft gewacht en we rijden verder naar Hans Botel om samen met hem te lunchen.
Hans is een slimme Ghanees die in Duitsland heeft gewoond en daar kennelijk goed heeft geboerd. Hij heeft vast gedacht, ik noem mezelf Hans, creeër een Afrikaans eethuis bv. aan een meer waar krokodillen in zwemmen en ik heb een toeristische attractie. Goed man!
Je kunt stukjes kip kopen voor 1 Cedi en mevrouw Hans Botel doet de kipstukjes op een stok en lokt de griezels. Op een meter afstand, zonder hek of i.d. genieten we van de giga-krokodillen. Fotoshoot!!
sMorgens in het hotel hebben we kennis gemaakt met Ina en haar dochter Marinka. Ze zijn toevallig met ‘hun driver’ ook bij Hans Botel aangekomen en we besluiten gezellig een hapje met elkaar te eten. Ina was deze week bij haar dochter op bezoek. De 25-jarige Marinka werkt bij de organisatie “Meet Africa” en woont gedurende een half jaar in een klein, arm dorpje in de buurt van Tamalé in het noorden van Ghana bij een gezin. En wat ik dan zo stoer vind, ze leeft en slaapt gewoon in een lemen hut. Pur sang. Niks geen stromend water, electriciteit en gas. In Ghana komen heel weinig toeristen, maar omdat er oa veel vrijwilligers werken, die veelal door familie en vrienden worden bezocht, komt het toerisme langzamerhand op gang. De organisatie Meet Africa werkt samen met een Ghanese economische ontwikkelingsorganisatie. Marinka is in opdracht van deze organisaties bezig een programma te ontwikkelen, zodat toeristen in de “keuken” van het dorp kunnen kijken. Ze noemde bv als onderdeel, het rituele babywassen. Het is de bedoeling dat het “kijkgeld” (excusé le mot) wat hiervoor betaalt wordt, terugvloeit naar de hele gemeenschap van het dorp en dat iedereen meeprofiteert. Het is een moeizaam proces, er gaat veel tijd zitten in vertrouwen winnen van oa de Chief en andere notabéle. Ze is heel enthousiast en heeft een rotsvast vertrouwen dat het gaat lukken.
We gaan verder. Na de krokodillenlunch rijden we naar Elmina om het kasteel aldaar te bezoeken. Elmina Castle werd in 1471 door de Portugezen gebouwd als handelsfort en al gauw werd het gebruikt als opslagplaats, ja ik zeg opslagplaats, voor slaven. Ergens in de 17de eeuw veroverde de Dutch (wij dus) het fort.
De Dutch werden heel veel genoemd door de zwarte gids die ons rondleidde. We zweten peentjes van de plaatsvervangende schaamte.Vooral in de vrouwenkelder van ongeveer 4 bij 10 meter, waar 400 vrouwen ingepropt werden, zonder ramen, zonder sanitaire voorzieningen. Waar ze 2 maanden moesten wachten voordat ze verscheept werden. De geur die daar nog steeds hangt, vergeten we nooit meer.
Het laat ons niet los en als we sávonds napraten over de miljoenen slaven die zijn verscheept en de meesten het schip niet eens haalden en hoe de blanken oa de Dutch (VOC mentalitiet) hebben huisgehouden moet ik spontaan een potje janken.
Morgen lekker uitwaaien op het strand. Goed plan Ben.
Maandag 26 november.

Onze privé driver brengt ons in 2 uur naar de kustplaats Kokrobité, waar we begonnen zijn met Eric en Marie-Chris en waar we eindigen met zijn 2-tjes. We drinken wat met Justis bedanken hem hartelijk voor al zijn goede zorg, roemen hem om zijn drivers-kwaliteiten en nemen afscheid. De frisse zeewind komt ons tegemoet, het temperatuurverschil met het noorden is wel 10 graden. Ik zit met het kippevel op mijn armen bij 33 graden Celcius.
Nu nog een paar daagjes strand voor we woensdagavond weer naar huis vliegen. We hebben een beeldig romantisch huisje gehuurd in het resort van Big-Milly. We zwemmen, lezen, praten veel met allerlei mensen, kijken naar de vissers en ondanks de reggaemuziek zijn we toch erg ongedurig en kunnen niet echt de rust vinden. We denken dat het komt omdat we “Ons grote gezin” missen en dát zou wel eens kunnen. We zijn in de afgelopen drie weken erg gehecht geraakt aan de meiden, Marie-Chris en Mr. Eric. Alle dagen dat we uit Wa weg zijn, hebben we nog telefonisch contact en Eric is er weer hélemaal zegt hij. Gelukkig. We kunnen met een warm hart Ghana verlaten. Wat een land, wat een mooie mensen en wat een rijke ervaringen hebben we opgedaan. We zullen alle brothers and sisters missen. Hier worden we mamma and daddy en Ben zelfs granddad genoemd. In Holland zijn we weer gewoon mevrouw en meneer.
We zullen weer moeten wennen aan de 2 versnellingen hoger in ons landje op volle toeren en van de “hete kermis” (Marie-Chris) naar “the fridge”, zoals Jerry de rechterhand van Eric Holland betiteld, zal behoorlijk rillen worden.
We zijn het samen helemaal eens over het feit dat we dit alles hebben mogen beleven, mede dank zij Eric én dat we het gewoon gedaan hebben.
Donderdagochtend, 29 november zijn we om 6 uur heel zachtjes op schiphol geland. We hebben nog nooit zó’n zachte landing meegemaakt. We hadden een vrouwelijke gezagvoerder, vandaar. We werden door onze allerliefste vrienden Ellis en Jan opgehaald en waren stikgelukkig ze weer te zien en te kunnen omhelzen.
Lieve allemaal nogmaals bedankt voor alle reacties ook via ons quicknet-adres en we hopen dat jullie een klein beetje met ons mee gereisd hebben door het mooie land Ghana.
-Verder heb ik nog wat boekentips die een goed beeld geven over oa. de slavenhandel, de cultuur en de armoede. Geen luchtige onderwerpen, maar toch leest het als een trein.
De Geestbewaarder van Ton van de Lee, Het pad der geesten van Ton van de Lee, Mamma Tenga van Mamma Tenga en de Zwarte met het witte hart van Arthur Japin. Het eerste stuk van het laatste boek vond ik persoonlijk nogal taai, maar totaal zeer de moeite waard.
PS. Heel stilletjes hopen we op positieve reacties op ons vetgedrukte verzoek in het verhaaltje van donderdag 22 november.
Lieve groetjes en big hugs van Ben en Lida.

Onze privé driver brengt ons in 2 uur naar de kustplaats Kokrobité, waar we begonnen zijn met Eric en Marie-Chris en waar we eindigen met zijn 2-tjes. We drinken wat met Justis bedanken hem hartelijk voor al zijn goede zorg, roemen hem om zijn drivers-kwaliteiten en nemen afscheid. De frisse zeewind komt ons tegemoet, het temperatuurverschil met het noorden is wel 10 graden. Ik zit met het kippevel op mijn armen bij 33 graden Celcius.Nu nog een paar daagjes strand voor we woensdagavond weer naar huis vliegen. We hebben een beeldig romantisch huisje gehuurd in het resort van Big-Milly. We zwemmen, lezen, praten veel met allerlei mensen, kijken naar de vissers en ondanks de reggaemuziek zijn we toch erg ongedurig en kunnen niet echt de rust vinden. We denken dat het komt omdat we “Ons grote gezin” missen en dát zou wel eens kunnen. We zijn in de afgelopen drie weken erg gehecht geraakt aan de meiden, Marie-Chris en Mr. Eric. Alle dagen dat we uit Wa weg zijn, hebben we nog telefonisch contact en Eric is er weer hélemaal zegt hij. Gelukkig. We kunnen met een warm hart Ghana verlaten. Wat een land, wat een mooie mensen en wat een rijke ervaringen hebben we opgedaan. We zullen alle brothers and sisters missen. Hier worden we mamma and daddy en Ben zelfs granddad genoemd. In Holland zijn we weer gewoon mevrouw en meneer.
We zullen weer moeten wennen aan de 2 versnellingen hoger in ons landje op volle toeren en van de “hete kermis” (Marie-Chris) naar “the fridge”, zoals Jerry de rechterhand van Eric Holland betiteld, zal behoorlijk rillen worden.
We zijn het samen helemaal eens over het feit dat we dit alles hebben mogen beleven, mede dank zij Eric én dat we het gewoon gedaan hebben.
Donderdagochtend, 29 november zijn we om 6 uur heel zachtjes op schiphol geland. We hebben nog nooit zó’n zachte landing meegemaakt. We hadden een vrouwelijke gezagvoerder, vandaar. We werden door onze allerliefste vrienden Ellis en Jan opgehaald en waren stikgelukkig ze weer te zien en te kunnen omhelzen.
Lieve allemaal nogmaals bedankt voor alle reacties ook via ons quicknet-adres en we hopen dat jullie een klein beetje met ons mee gereisd hebben door het mooie land Ghana.
-Verder heb ik nog wat boekentips die een goed beeld geven over oa. de slavenhandel, de cultuur en de armoede. Geen luchtige onderwerpen, maar toch leest het als een trein.
De Geestbewaarder van Ton van de Lee, Het pad der geesten van Ton van de Lee, Mamma Tenga van Mamma Tenga en de Zwarte met het witte hart van Arthur Japin. Het eerste stuk van het laatste boek vond ik persoonlijk nogal taai, maar totaal zeer de moeite waard.
PS. Heel stilletjes hopen we op positieve reacties op ons vetgedrukte verzoek in het verhaaltje van donderdag 22 november.
Lieve groetjes en big hugs van Ben en Lida.
*********************************************
